Verwachting of hoop – heroverwegingen van vertaalwoorden

Het project waar nu hard aan gewerkt wordt is het klaarmaken van de vertaling van het Nieuwe Testament voor een papieren uitgave. De vertaling was al langer online te lezen, maar een uitgave in boekvorm is een goede aanleiding om weer eens helemaal de vertaling door te lopen, fouten eruit te halen, het vertaalwerk overal consistenter te maken en andere verbeteringen door te voeren in de weergave van werkwoorden en het consequent woorden in dun- of dikdruk zetten. Zo zijn ook de woorden onderzocht die we op verschillende manieren vertaald hebben, waar we door de context soms moesten afwijken van het gekozen trefwoord, en is gekeken of dit afwijken wel consequent gebeurd is. Is op plekken met dezelfde context op dezelfde manier afgeweken? En was het afwijken wel nodig? Kan met minder verschillende weergaven volstaan worden? En geregeld is een trefwoord helemaal opnieuw overwogen. Woorden die bij nader inzien toch niet het goede trefwoord hebben gekregen, of een trefwoord dat wat archaïsch of niet erg duidelijk is. In dit proces van heroverwegen zijn een hoop kleine dingen veranderd, maar zijn er ook een paar bekende woorden en trefwoord-kwesties langsgekomen die na heroverweging veranderd zijn. Hieronder zullen die kwesties besproken worden.

Verwachting die hoop is geworden, en andersom

Een van de bekende woorden die in de Concordante vertaling anders stonden dan in de gangbare vertalingen of het interlineair van ISA was het Griekse woord voor verwachten, elpizo, waar andere vertalingen hopen hadden. Zo klonk het bekende vers uit 1Kor 13:13 “Thans blijven echter geloof, verwachting en liefde”. De redenering achter de keuze voor verwachting was dat het woord gebruikt werd om de zekere verwachting te beschrijven die we in geloof hebben. Deze zekerheid zat wel in het Nederlandse woord verwachting, niet in hoop. Maar dat is een erg theologische overweging, terwijl de Concordante methode juist wil voorkomen dat theologie de vertaling beïnvloed. De echte vraag die gesteld moet worden is: hoe wordt het woord gebruikt? Spreekt daar altijd die zekerheid uit? 

Het korte antwoord is: nee. Het woord wordt zowel gebruikt voor de zekere hoop die God ons geeft (bijv. Hand 24:15; Rom 12:12), maar ook voor ijdele menselijke hoop (bijv. Luk 6:34; Hand 16:19). De hoop en het hopen is alleen dan zeker, indien God er de bron van is. De zekerheid zit hem ook niet in het woord zelf, maar soms in de context, en soms niet, en zou dus niet de basis voor de keuze van het trefwoord moeten zijn.

Om het mooier te maken; er is een ander woord dat we tot nu toe altijd met hopen hadden vertaald (voor de kenners, prosdokao), maar dat, als je naar de woordopbouw en het woordgebruik kijkt, juist om een (vaak neutraal) kijken naar wat we verwachten dat er gaat gebeuren. Kortom, na een heroverweging is verwachten hopen geworden, en hopen verwachten.

Toorn en verontwaardiging

Eenzelfde theologische invulling in de vertaling viel te bespeuren bij het Griekse orge, dat we met toorn vertaalden waar het om mensen ging, en met verontwaardiging waar het om God ging, omdat Gods verontwaardiging niet een ongecontroleerde uitbarsting van woede zou zijn zoals aan “toorn” toegeschreven zou kunnen worden. Dit is echter een onderscheid dat het Grieks niet maakt, en de context van de voorkomens niet afdwingt. Wie de Van Dale erop naslaat, zal bij toorn niet vinden dat dit ongecontroleerder is dan bij verontwaardiging. Toorn wordt omschreven als hevige woede, verontwaardiging zwakker als een gevoel van ergernis of boosheid. Er is geen aanleiding dit woord af te zwakken, als je de voorkomens nagaat, dus is nu overal toorn vertaald.

Wederzijds verzoenen

Een ander stokpaardje dat de heroverweging niet overleeft heeft is het bekende apokatalasso (met stamvorm OP-NEER-VERANDEREN) dat we bijvoorbeeld in Kol 1:20 vinden, voorheen vertaald met wederzijds verzoenen, waarbij de kortere variant met een voorzetsel minder ervoor, katalasso (met stamvorm NEER-VERANDEREN) met gewoon verzoenen vertaald werd. De keuze voor wederzijds verzoenen lijkt mij te sterk afgegaan op de stamgegevens, en een keuze die moeilijk stand houdt. Het is bijvoorbeeld niet zo dat katallasso, zonder OP, altijd eenzijdig verzoenen is, of altijd van boven naar beneden verzoenen is. Juist niet, het verzoenen in een huwelijk is hopelijk wederzijds (1Kor 7:11), en het verzoenen in relatie tussen God en mensen gaat juist altijd over de mens die met God verzoend wordt (Rom 5:10, 1Kor 5:18 etc.). Ook apokatallasso is in die zin niet wederzijds, ook daar is het in Kol 1:20 juist de wereld die met God verzoend wordt, niet God met de wereld. Kortom, het “wederzijds” klopt niet. Dat is niet wat het voorzetsel OP aan extra informatie toevoegt aan dit woord. Het is lastig de precieze toevoeging van dit voorzetsel aan het woord te achterhalen, omdat het buiten de drie vindplaatsen bij Paulus nergens voorkomt, maar wie de tekstverbanden bestudeert en er wat woordenboeken op naslaat zal zien dat het waarschijnlijk een versterkte vorm is van katallasso, een soort verzoening plus. Maar hoe geef je dat weer? We hebben weer verzoenen overwogen, het herstellen dat bij verzoenen hoort sterker benadrukkend, maar zijn uiteindelijk uitgekomen bij geheel verzoenen, wat goed past in het brede bereik van het verzoenen in de contexten waar het voorkomt.

Gerechtigheid of rechtvaardigheid

Eenzelfde wisseling als bij hopen en verwachten heeft plaatsgevonden bij de woorden gerechtigheid en rechtvaardigheid. Voorheen vertaalden we het Griekse woord dike met rechtvaardigheid en dikaiosune met gerechtigheid, twee belangrijke woorden, met name bij Paulus. In de Romeinenbrief ging het erover dat wij mensen allemaal tekortschoten, en lazen we tot voor kort in de NCV dat God ons Zijn gerechtigheid toerekent op basis van het geloof van Christus.

Nu zitten de woorden gerechtigheid en rechtvaardigheid dicht bij elkaar in het Nederlands. Als we de Van Dale erop naslaan, dan spreken beiden over rechtvaardig zijn, maar zit bij gerechtigheid nog meer de klank van rechtvaardigheid doen gelden, wreken. En het is nu juist dit laatste aspect wat niet echt bij dikaiosune voorkomt, maar wel op de drie plekken waar we dike tegenkomen (Hand 28:4; 2Thes 1:9; Jud 1:7).

Andere woorden die nog overwogen worden

Naast deze opmerkelijke veranderingen en talloze kleinere aanpassingen zijn er nog een aantal woorden waar nog geen beslissing over genomen is. Een aantal woorden die “Concordant jargon” genoemd zouden kunnen worden, daar zijn zij die al tientallen jaren met de methode bekend zijn vertrouwd mee geraakt, maar komen op hen die nieuw zijn exotisch en onbekend over. Zonder uitleg begrijpen zij niet wat de woorden willen zeggen. Zouden er geen alternatieve trefwoorden bestaan, die minder exotisch zijn en wel duidelijk weergeven wat de betekenis is?

Neem het woord eon. Om elke verwarring met eeuwigheid te vermijden is ervoor gekozen het Griekse woord in Nederlandse letters over te zetten. Nu is dit toevallig ook een Nederlands woord, dat enigszins in de buurt komt qua betekenis omdat het ook voor lange tijdperken gebruikt wordt. Maar het is bij de meeste mensen onbekend. In de oude Griekse teksten duidde het woord op de tijd van een leven, en in de loop van eeuwen is het in gebruik geraakt voor de lange tijdperken van de wereld, die samen de hele tijdsspanne bevatten. In de Bijbel omvatten de eonen de wereldtijdperken die Gods plan van begin tot eind omvatten (maar dus wel een begin en einde hebben). Je kunt tijdperk of wereldtijdperk overwegen, maar dit is een wat algemener woord en lijdt tot omslachtigere vertalingen, zeker als we van het bijvoeglijke eonisch iets met tijdperk willen maken. Eeuw is ook te overwegen, maar is in ons taalgebruik te sterk gerelateerd aan een vaste periode van 100 jaar. Tot er een beter alternatief is, blijft voorlopig eon staan.

Het woord in dezelfde categorie, era, is ook een vertaalwoord dat niet ideaal is. Niet alleen omdat dit ook een nogal onbekend Nederlands woord is, de betekenis van het Nederlandse woord is vrij beperkt vergeleken met het Griekse woord dat het wil vertalen. Dat woord kan gebruikt worden voor periodes in Gods grote plan van tijden, waar era bij past als “tijdseenheid één lager in rang dan eon” volgens de Van Dale, maar wordt ook gebruikt bij allerlei langere en kortere perioden die we in het leven tegenkomen, seizoenen voor vruchten, soms zelfs voor enkele momenten. Vaak zit er dan zelfs de nuance in dat het om de bestemde tijdof gelegenheid gaat. In die zin lijkt era niet alleen te exotisch, maar ook te beperkt in het Nederlands, en dekt periode misschien beter de lading.

Andere woorden die bij hen, die al langer meegaan, ingeburgerd zijn, maar voor mensen, die de vertaling voor het eerst erbij pakken, wat al te vreemd aandoen en dus heroverwogen worden, zijn woorden als complement, uitgeroepen gemeente, hemeling, lot toedeling. 

En enkele andere bekende woorden worden nog heroverwogen omdat het trefwoord niet helemaal lijkt te voldoen. Zo stond het woord voor “hoererij” in die tijd niet alleen voor het naar een prostituee gaan, maar om alle vormen van ongepast seksueel gedrag. Zo wordt ook de kwestie van 1Kor 5, waarbij iemand met de vrouw van zijn vader gaat, als hoererij aangemerkt. Dan lijkt “ontucht” een beter woord. En waar wij onderscheid maken tussen geloven en vertrouwen, kent het Grieks daar slechts één woord voor. Als we bedenken dat “geloven” bij ons een hele eigen betekenis heeft gekregen, bijna meer als een status die iemand wel of niet heeft, in plaats van dat het meer om een houding gaat, zoals vertrouwen. Dan valt te overwegen om geloven helemaal te vervangen door vertrouwen, maar dat is een ingrijpende aanpassing waar nog even over nagedacht moet worden. Dit geldt ook voor het woord dat we met “Jood” vertalen. Dit woord wijst in onze tijd meer op de volgers van het Rabbijnse Jodendom, en slaagt er niet in de bredere culturele, religieuze en etnische ideeën die in de Griekse aanduiding zitten te omvatten. Daarom hebben sommigen voorgesteld Judeër te gebruiken.

Mocht je bij het lezen van deze overwegingen ideeën hebben over een betere weergave van de woorden, laat het me weten.

Laatste gedachten

Het doel dat is nagestreefd in de heroverwegingen is trefwoorden aan te passen als een ander trefwoord de betekenis beter weergeeft, en ook aan te passen als het bestaande trefwoord zelden in ons taalgebruik voorkomt of archaïsch aandoet, en daarmee een goed begrip van de tekst in de weg staat. Wat is er mooier dan een toegankelijke vertaling te kunnen geven, in een Concordant Nieuw Testament, opdat we Hem mogen leren kennen!

Thijs Amersfoort